Ik en de ander

september 21, 2016 geve

Werken met mensen gaat over werken met de ander. We zijn inmiddels in een wereld beland waarin we sterk gefocust zijn geraakt op het individu. Met wetenschap als nieuwe bijbel in de hand weten we als nooit tevoren mensen in te delen. Of het nou is naar huidskleur, haarkleur, afkomst, opleiding, leeftijd, geslacht, inkomensniveau, opleidingsniveau, status, auto, kleding, borsten, billen, tanden, schoenen, auto, enz. enz. 

Ook ik maak me er schuldig aan vrees ik. In meer of mindere mate; ik lijk wel een mens zou een goede vriendin van me zeggen.

Wij mensen leren al vanaf het prille begin dat we afhankelijk zijn van anderen. Als baby is het mensenkind het meest kwetsbare zoogdier op aarde. De mate van aandacht van de verzorger maakt letterlijk dat ons brein zich kan ontwikkelen zodat we ingesteld raken op die ander. Dat is bij geboorte nog niet aanwezig. Hoe meer de baby wordt geknuffeld, verzorgd, getroost en gezien, hoe beter hij in staat is om de ander als veilig te ervaren; hij heeft hem of haar immers nodig. Alleen redt hij het niet. Stap voor stap leert het kind het ingewikkelde proces van relaties aangaan. Op die manier die in zijn omgeving belangrijk is. 

Onderzoek (jawel) heeft aangetoond dat alle biologische systemen die van invloed zijn op emotionele beleving worden beïnvloed door sociale ervaringen. De vroege sociale ervaringen zijn van belang om ons te ontwikkelen tot een mens dat zich staande kan houden in de omgeving waar hij opgroeit. Dat betekent dat er een soort maatwerk ontstaat; als je opgroeit in een veilige omgeving zal je een andere manier van omgaan met stress hebben dan iemand die opgroeit in een onveilige omgeving. Als je de wereld al vrij jong leert kennen als onveilig en de mensen onberekenbaar en vijandig zijn kan het noodzakelijk zijn dat je je intuïtie instelt op deze onveiligheid. Dat is dan de verstandigste ‘beslissing’. Zo wordt ons brein als het ware geprogrammeerd voor de realiteit die zich op dat moment aandient. Maar wat als de omstandigheden beter worden? Dan kunnen de overlevingsmechanismen en strategieën die we onszelf eigen hebben gemaakt tegen ons gaan werken. Zo kunnen we onze partner of onze baas gaan zien als die onbetrouwbare autoriteitspersoon en volgen we ‘ons gevoel’ zoals we dat vaak zo mooi zeggen. Dat klinkt mooi; je gevoel volgen is immers vanuit je kern leven nietwaar? Maar wat als je gevoel nog staat ingesteld op een oude realiteit? Wat als je emotionele brein nog steeds reageert las het kind dat ooit een onveilige wereld kende? Wat zegt dat dan over het gevoel? Dan kunnen de strategieën die eens zo goed werkten een handicap worden.

De ander zal ontegenzeglijk iets doen met jou. Het is soms ingewikkeld wat nou bij wie ligt. Om dat onderscheid goed te leren maken is het beginnen met jezelf. Hoe sta ik in de wereld? Welke plek neem ik in? Durf ik in te nemen? En is dat ok? Het zijn de vragen waarbij alles begint; waarin we met onszelf in gesprek gaan om de ander te kunnen ervaren. Waardoor we nee durven te zeggen; of volmondig ja. 

 

Delen?
FacebooktwitterlinkedinFacebooktwitterlinkedin